Op de tweede dag verbinden we de wiskundige bouwstenen van dag 1 met de verschillende vormen van machine learning. Je ontdekt dat supervised, unsupervised, semi-supervised en reinforcement learning geen losse technieken zijn, maar variaties op hetzelfde onderliggende wiskundige idee: leren door optimalisatie onder aannames.
We starten met supervised learning en laten zien hoe regressie en classificatie voortkomen uit het optimaliseren van een foutfunctie op gelabelde data. Je leert welke aannames hierbij worden gemaakt en waarom generalisatie vaak lastiger is dan het lijkt.
Daarna verschuift de focus naar unsupervised learning, waarin geen labels beschikbaar zijn. Je onderzoekt hoe wiskundige structuren, afstanden en probabilistische modellen worden gebruikt om patronen en samenhang in data te ontdekken. Dit maakt duidelijk wanneer unsupervised learning zinvol is en wanneer niet.
Vervolgens behandelen we semi-supervised learning, waarin beperkte gelabelde data wordt gecombineerd met grote hoeveelheden ongelabelde data. Je leert welke wiskundige aannames hieraan ten grondslag liggen en waarom deze aanpak alleen werkt onder specifieke voorwaarden.
Tot slot kijken we naar reinforcement learning, waarin leren plaatsvindt door interactie en beloning. Je ontdekt hoe optimalisatie over tijd werkt en hoe deze vorm van leren zich wiskundig verhoudt tot de andere benaderingen.
Ook op deze dag wordt Python gebruikt om processen te verkennen en te visualiseren. Door verschillende leerparadigma’s naast elkaar te zien, worden overeenkomsten en verschillen concreet en begrijpelijk.
Aan het einde van dag 2 kun je de verschillende vormen van machine learning wiskundig plaatsen, hun aannames benoemen en kritisch meedenken over welke aanpak past bij een bepaald probleem.